Blog

De grijsgrauwe luchten

De grijsgrauwe luchten van Charles Eijck, op schilderijen die Limburgse Winters vangen, wandelden afgelopen week onverwacht mijn dagen binnen.
Ik was te gast in museum Het Land van Valkenburg. 
De regen die deze eerste week van het nieuwe jaar rijkelijk viel, maakte meer dan duidelijk waar de schilder zijn inspiratie vandaan haalde.
Charles Eijck zette luchten vol mysterie op zijn doeken. Luchten en bomen met zwarte takken in Limburgse industriestadjes.
Hij neemt ons mee naar de jaren 50–60 van vorige eeuw. Het weer is niet echt veel veranderd in al die jaren. Het ontluikende industriële Limburg, dat is een geheel ander verhaal.
Deze schilderijen trokken mij een wereld van winterse verhalen binnen deze eerste week van 2013.
Die avond was ik te gast ergens in de heuvels van Flémalle.
De vlierbessenjenever maakte de tongen los.
In het duister om de woning van de gastheer snuffelden everzwijnen.  
Het beeld van de moeder die in de dagen voor het carnaval “Op het Belsj” een varkenskop ging kopen, werd levend. Dagen kookte ze de kop van het beest, dagenlang trok de geur door het huis, om daarna, verwerkt te worden tot heerlijkheden bedoeld om vastenoavendsvrunj er de drie dagen mee door te helpen. “Varkenspuuj die waggelen in de ju” uit volle borst zingend.
“Aw hoor, schei oet, dat kens te neet meinen!” blijkt afkomstig uit het Frans. In het walloons worden zinnen aangeheven met: Putain!
« Putain, ce n’est pas possible ca! »
Waar haalden buutreedners ook al weer hun inspiratie vandaan?
De donkere winterdagen leggen bloot hoe dit euregionale gebied met elkaar verbonden is.
Volgende week opent Marseille CHvE 2013 haar deuren.
Marseille beschreef in hun bidbook hoe van uit Marseille de Mediterrane cultuur Frankrijk en de rest van Europa in trok.
Een adembenemend verhaal. Meer dan nieuwsgierig ben ik om te zien hoe zij daar in het zuiden van Frankrijk dit thema zullen verbeelden, volgende week, tijdens de openingsmanifestatie.
Nieuwsgierig omdat ook hier, in de Euregio, echo’s van vele culturen klinken en we ook hier die echo’s gaan verbeelden.
In een dorp vlak buiten Eupen blijken ze de knoken van het varken in processie en met de nodige muziek te begraven als teken dat ooit, ooit de winter voorbij zal zijn. Het Sloveense Carnaval is niet ver weg. Zoals de poppen die de week voor Carnaval aan Eupense huizen hangen, de link naar het Oost–Europese carnaval leggen.
In Zuid–Limburg duikelt dan weer het Rijnlands en Germaanse over het veeleer Italiaanse en zelfs Venetiaanse Carnaval heen.
De scheiding tussen het individu en de wereld wordt steeds groter, lezen we in krantenartikelen die er op uit zijn het onbehagen van de huidige tijd te duiden.
Uit de oude winterse tradities valt wat betreft duiding van dit probleem nog veel inspiratie te halen.
Deze spagaat tussen individu en de wereld wordt overigens wondermooi verbeeld in een videoclip van  de popgroep Hello Kosmos. Op You Tube kan je het nakijken. Het nummer heet: Der Prinz.
De winterse verhalen en rituelen die deze week tot mij kwamen, vertelden hoe Europa zich genesteld heeft in onze streken.
En die verhalen, die liggen allemaal opgesloten in die grijsgrauwe luchten van Charles Eijck.

Guido Wevers
7 januari 2013